|
Om maar te beginnen met mijn ‘doe eens rustig’ plan, zal ik toch naar het bal moeten. En daar ben ik dan nu ook. De limousine heeft me net afgezet. Ik moet zeggen, ik ben onder de indruk. De zaal waar het word gehouden lijkt sprekend op dat soort balzalen wat je in films ziet. Maar na het goede komt altijd het slechte: de openingspeech. Altijd even saai, en het woord origineel kennen ze dan niet. Die toespraken lijken allemaal op elkaar.
Na een half uur de meest lange en saai toespraak aangehoord te hebben, is het tijd om te dansen. Althans, dat is de bedoeling. Maar mij zie je echt niet op een of andere wals of weet ik het wat doen. Dus zit er niet zo veel op en moet ik langs de kant staan. Dan zie ik dat er iemand naar me toe komt. O nee he, het zit me ook niet mee. Dat is Baron Gravensburhge, een kennis en een oersaai mens. Het zal me niet verbazen als hij de openingspeech heeft geschreven. ‘Mijn verheugde welkom, Emmelia. Om eerlijk te zijn had ik je hier niet verwacht.’ Nee, wie wel? Denk ik, maar ik zeg: ‘Ik heb me bedacht. Ik vind dit bal een goede gelegenheid om..ehm, meer andere mensen van goede afkomst te zien, zal ik maar zeggen.’ De Baron geeft me een goedkeurend knikje. Ik moet maken dat ik weg kom, voor dat ik een uur aan hem vast zit. ‘Excuseert u mij Baron, maar ik zie een bekende.’ En ik loop snel weg. Om te verkomen dat hij achter me aan komt, zigzag ik door de zaal en kom ik uit bij het hapjes buffet. Blijkbaar ben ik de enige die ook aan eten denkt. Ik pak wat te drinken en kijk naar de dansende mensen als er een jongen naast me komt staan. ‘Hoi, ook niet zo’n goede danser? Zegt de jongen. ‘Nee, ik ben om eerlijk te zijn ook niet zo’n fan van een bal, maar goed, mijn moeder stond er op.’ ‘Ah, mag ik raden? Jij bent Prinses Emmelia.’ ‘Hoe weet jij dat?’ zeg ik verbaasd. ‘Mijn moeder was laatst bij jullie op bezoek. Toen ze terug kwam kon ze niet begrijpen dat iemand niet van een bal en jurken houdt.’ Ik schiet in de lach. ‘Ja, dat ben ik. Maar zeg maar Mira, ik word gek van dat Emmelia.’ ‘Oke, snap ik. Ik heet James.’ Ik bekijk de jongen eens goed. Hij is best knap, en heeft mooie donkerbruine ogen. Ik schat hem rond de vijftien. ‘Waarom ben jij hier eigenlijk? Ook gedwongen door je moeder?’ James lacht. ‘Nee, mijn oom heeft de openingspeech geschreven. Hij wou dat ik meeging om te luisteren, maar hij was doodsaai, net als mijn oom zelf.’ En nu drie keer raden wie die oom is. ‘Is Baron Gravensburhge jouw oom?’ ‘Ja, zo te horen ken jij hem?’ ‘Wel bij het horen van jouw beschrijving.’ James lacht weer. Hm, ik mag deze jongen wel. ‘Vind jij het leuk om van adel te zijn?’ vraag ik direct. Misschien niet zo slim het zo snel te vragen, maar zo ben ik nou eenmaal. Nu kijkt James serieus. ‘Nou, nee. Ik kan niet gewoon doen wat andere jongens doen. Ik mag niet eens voetballen of vissen of iets dergelijks. Ik heb soms gewoon het gevoel dat ik in een gevangenis leef. Sorry, dit gezanik wil je vast niet horen.’ Eigenlijk wil ik dat wel. Maar als ‘prinses’ moet ik zeggen: natuurlijk niet, en je bent gek als je niet van adel wilt zijn. Maar ik zeg mooi nu als mezelf en niet als prinses: ‘Ik heb precies het zelfde, mijn ouders bepalen altijd alles.’ James kijkt me verrassend aan. ‘He, staar me niet zo aan. Had je dat dan niet door?’ ‘Nou ja, als je niet van jurken en een bal houdt, hoeft dat nog niet gelijk te betekenen dat je niet van een prinses zijn houdt.’ ‘Kom op, welke prinses houdt er nou niet van jurken?’ Even flitst Stella door mijn hoofd, maar aan de andere kant: zij draagt nooit een broek en altijd een jurk. Dus dat telt niet. ‘Jij houdt er niet van, zegt James. Ik grijns.
En zo gaat de avond voorbij. James en ik hebben veel lopen kletsen. Ik mag hem wel. Er zijn niet veel jongens die van adel zijn en het, net als ik, niet leuk vinden. Aan het eind van de avond hebben we nummers en zo uitgewisseld. Ik denk dat ik James nog wel vaker ga zien.
_________________ http://www.silentstories.tk
life makes love look hard ♥
|